Nieuws

‘Systeembril’ essentieel voor transitie naar duurzame veehouderij

Gepubliceerd op
24 september 2021

Internationaal onderzoek levert praktische kennis op voor innovatie op het boerenerf. Daarom is LNV betrokken bij meerdere zogenaamde ERA-Netten, waarin nationale en Europese onderzoeksgelden worden gebundeld. AnimalFuture is een mooi voorbeeld van een project dat is gefinancierd onder zo’n ERA-Net (SusAn, Sustainable Animal production).

Françoise Divanach werkt als beleidsmedewerker bij de directie Strategie, Kennis en Innovatie van het Ministerie van LNV
Françoise Divanach werkt als beleidsmedewerker bij de directie Strategie, Kennis en Innovatie van het Ministerie van LNV
witruimte.PNG

Francoise Divanach: “AnimalFuture laat zien dat internationale onderzoeksprojecten waardevol zijn voor een integrale insteek van de transitie richting duurzame veehouderij en kringlooplandouw.”

Systeembenadering als uitgangspunt

Evelien de Olde werkt bij de Animal Production Systems group van Wageningen Universiteit & Research
Evelien de Olde werkt bij de Animal Production Systems group van Wageningen Universiteit & Research
Om de transitie richting duurzame veehouderij vorm te geven is het nodig een ‘systeembril’ op te zetten, vindt Evelien de Olde: “Veel onderzoek vindt nog in ‘silo’s’ plaats, bijvoorbeeld gericht op één segment van de voedselketen zoals food waste. Dat zie je ook terug bij subsidieprogramma’s: er zijn maar weinig calls die om een systeemperspectief vragen.”

SusAn is wat dat betreft een voorloper: “Zonder SusAn was dit project [AnimalFuture] er waarschijnlijk niet geweest. We voelden ons goed thuis bij de breed opgezette call. Er was veel enthousiasme bij onze partners om de duurzaamheid van Europese veehouderijsystemen in kaart te brengen vanuit milieu-, sociaal en financieel perspectief.” Haar collega Aart van der Linden vult aan: “Mijn werk richt zich normaal gesproken op productiefactoren. Dit project gaf mij de kans om naar een breed palet van duurzaamheidsindicatoren te kijken.”

Een rijke bibliotheek van duurzame veehouderijsystemen

Een belangrijk resultaat van AnimalFuture is een nieuw dashboard dat het mogelijk maakt om de kosten en baten van innovaties in veehouderijsystemen in kaart te brengen, bijvoorbeeld wat betreft financiële risico’s of emissies. In elk partnerland zijn hiervoor gegevens verzameld. Evelien: “In Nederland hebben we 17 pluimveehouders geïnterviewd en daarnaast 24 andere actoren in de eiersector. Zo hebben we een goed beeld gekregen van de duurzame innovaties in deze sector, en met welke barrières en uitdagingen pluimveehouders te maken hebben.”

Aart van der Linden werkt bij de Animal Production Systems group van Wageningen Universiteit & Research
Aart van der Linden werkt bij de Animal Production Systems group van Wageningen Universiteit & Research

Aart: “Elke innovatie zorgt voor verbeteringen maar brengt ook nadelen met zich mee. De synergiën en trade-offs tussen indicatoren worden zo duidelijk; zoals de financiële risico’s die gepaard gaan met een innovatie die het terugdringen van emissies beoogt.”

Wat in Nederland minder makkelijk bleek, was het verkrijgen van financiële gegevens. “In andere landen, zoals Frankrijk en Portugal, was het onderzoek gericht op melkkoeien, vleeskoeien en varkens.

Dat zijn sectoren waar het delen van financiële data minder gevoelig ligt dan in de pluimveesector.”

Hoewel het dashboard nog niet compleet is, vormen de verzamelde computermodellen voor agrarische bedrijven uit heel Europa inmiddels een waardevolle bibliotheek. Evelien: “Aart heeft een bibliotheek gemaakt van computermodellen voor agrarische bedrijfssystemen die zowel voor onderzoekers als bedrijven interessant is, omdat we nu systemen kunnen evalueren en met elkaar vergelijken. Ook voor duurzaamheidsanalyses biedt dit nieuwe kansen.”

De eerste zaadjes voor de transitie zijn geplant

“Tijdens de interviews met actoren kwam Kipster veel ter sprake. Zij schoppen tegen allerlei zaken aan, want ze produceren witte eieren die een kleinere CO2-footprint hebben dan bruine, en laten de haantjes in leven om het vlees te verkopen. Dat zorgt voor veel beweging in de sector. Daardoor zie je bijvoorbeeld bij Hendrix Genetics dat ze wat betreft de fokdoelen niet meer alleen kijken naar efficiënt voergebruik, maar ook naar de capaciteit om reststromen te benutten.”

Evelien vervolgt: “Deze lessen uit de praktijk nemen we dan gelijk mee in onze modellen. Dit leidt weer tot nieuwe onderzoeksvragen waar we met bedrijven mee aan de gang gaan. Dat je een verandering merkt, is wel heel duidelijk. Een verandering waar ondernemers de waarde van een integrale benadering onderschrijven.”

Aart: “De geïnterviewde leghenhouders hebben allemaal een rapport gekregen. Het is lastig om te zeggen dat dit direct impact heeft gehad, maar het heeft mogelijk wat zaadjes geplant. Er gaat wel drie jaar of meer overheen voordat je resultaat ziet. Het vraagt immers om investeringen.”

Studenten plukken reeds de vruchten

Aart: “Om de opgedane kennis te verspreiden onder jonge boeren, wilden we met het project een ‘summer school’ organiseren in Duitsland. Dat is helaas gestrand vanwege Corona.” Maar de uitkomsten hebben al wel hun weg gevonden binnen Wageningen Universiteit: Evelien: “Het artikel dat we hebben geschreven over de duurzaamheidsissues, innovaties en discussies met geïnterviewden biedt een breed overzicht van de leghensector. Dat gebruiken we nu in de opleiding Dierwetenschappen om ook studenten het belang van een systeembenadering uit te leggen.”

Kringlooplandbouw gebaat bij integrale blik

Françoise: “De systeembenadering van dit onderzoek past bij het beleid van LNV als het gaat om kringlooplandbouw en innovatie op het boerenerf. Het innovatieve gebruik van reststromen in de pluimveesector is hier een mooi voorbeeld van. Om kringlopen te sluiten is een integrale aanpak essentieel.” Evelien voeg daaraan toe: “Met deze benadering kunnen we verder gaan dan alleen het laten zien van inspirerende voorbeelden van duurzame landbouwinnovaties bij enkele bedrijven – een punt van kritiek op het huidige beleid. Nu kunnen we gaan toewerken naar een sectorbrede aanpak en de transitie echt vormgeven.”

Inzetten op coaching van veehouders

Een goede vervolgstap is om de kennis te toetsen en uit te breiden op bedrijfsniveau. Aart: “Na een verdere uitwerking van het dashboard en indicatoren voor kringlooplandbouw, zouden bedrijfsadviseurs deze tools kunnen gebruiken om veehouders te coachen. Evelien: “Naast het begrijpen van duurzaamheidsuitdagingen in de sector, vraagt de transitie ook om inzicht in de motivatie van veehouders om te veranderen en de mogelijke barrières die ze tegenkomen. Daarin zou samenwerking tussen onderzoekers, adviseurs en onafhankelijke kringloopcoaches, een rol kunnen gaan spelen.”

Dit is een artikel in de serie OOG VOOR KENNIS, geschreven door Ben Kubbinga (RVO). Wil je meer weten over AnimalFuture, ERA-Netten of internationaal onderzoek? Neem dan contact op met Sascha Bollerman

(Foto en illustraties: RVO)